BROOS Zuid-West: Opsporen van osteoporose

 

In september 2007 zijn we in samenwerking met de huisartsengroep ‘Zuidwesthoek’ gestart met het casefindings-project Osteoporose. Het opsporen van patiënten met osteoporose met een vragenlijst over risicofactoren, waarna de botdichtheid wordt gemeten en de aanwezigheid van wervelfracturen wordt bekeken (DEXA met IVA).

Resultaten BROOS Zuid-West: Brabantse Osteoporose Opsporings-Studie

21 huisartspraktijken (25 huisartsen) in het zuidwesten van Brabant hebben in samenwerking met SHL-Groep en de voormalige afdeling WECOR het BROOS project uitgevoerd om vroegtijdig botontkalking (osteoporose) op te sporen. De regionale ondersteuningsstructuur (ROS-ZEEBRA) heeft ondersteuning/subsidie verleend.

Diagnose na DEXA meting

In september 2007 is het project van start gegaan. In de deelnemende huisartspraktijken hebben vrouwen boven de 60 jaar een vragenlijst met risicofactoren toegestuurd gekregen. Uit de ingevulde vragenlijsten konden de patiënten met een verhoogd risico worden geselecteerd. In totaal zijn 7705 vragenlijsten verstuurd met een respons van 75,4%.

De patiënten met een verhoogd risico werd gevraagd een DEXA-meting met instant vertebral assessment (IVA) te laten doen. De IVA is een zijdelingse opname van de wervelkolom waardoor wervelbreuken opgespoord kunnen worden. Met behulp van deze metingen hebben de deelnemende patiënten de diagnose osteoporose, osteopenie of normaal gekregen. In totaal hebben 1121 patiënten een DEXA/IVA-meting gehad.

Vroeg opsporen osteoporose of osteopenie

Door het vroegtijdig opsporen van deze osteoporose of osteopenie patiënten kan tijdig met advies en behandeling worden gestart. Hierdoor neemt naar verwachting het risico op het ontstaan van fracturen af. Na 3-6 maanden is het gevolgde beleid of behandeling en de therapietrouw van de behandeling gemeten middels een vragenlijst aan de patiënt.

Conclusies BROOS-project

  1. Van de aangeschreven patiënten wordt 5,29 % (408 van 7705) gediagnosticeerd met osteoporose.
  2. Om 1 patiënt met osteoporose te vinden, moeten dus 19 vragenlijsten verstuurd worden.
  3. Patiënten die volgens de richtlijn worden behandeld met medicatie zijn therapietrouw; 90% slikt nog steeds de medicatie en 83,5% volledig volgens voorschrift in de eerste 3-6 maanden, na het voorschrijven daarvan.
  4. Een hoog percentage (36%) van de patiënten met een verhoogde risicoscore heeft osteoporose. Een zeer hoog percentage (44%) heeft osteopenie. Slechts 19% van de patiënten met een verhoogde risicoscore heeft een gezonde botdichtheid.
  5. 15% (61 van de 408) van de diagnoses osteoporose kon door IVA worden gesteld.
  6. Onderzocht moet worden of inzetten van getrapte screening (vragenlijst en bij hoog risico dexa+IVA) daadwerkelijk het aantal fracturen verminderd.